Naikan en gewelddadig extremisme

BLOG: 

Naikan en gewelddadig extremisme

Body: 

Er wordt de laatste tijd (juli 2016) in de media veel aandacht besteed aan extremisme en geweld dat daarmee kan gepaard gaan.

Meestal hoeven extreme ideeën niet met geweld gepaard te gaan.  Iedereen is in onze maatschappij vrij om te denken wat hij wil, en men is ook vrij om die mening uit te drukken.  Er bestaan veel "extreme" meningen, die daarom echter nog niet altijd tot geweld moeten leiden  (voetnoot 1). Er wordt een cruciale stap gezet wanneer een extreme mening gaat stellen dat er een "wij" en een "zij" is en dat "zij" de slechten en "wij" de goeden zijn.  Dan is er een verhoogde kans op geweld ontstaan.  Wanneer "zij", de slechte of minderwaardige anderen, geen recht op bestaan hebben en moeten uitgeroeid worden, wordt het echt gevaarlijk.  Dan ontstaat oorlog, terrorisme, extreem geweld.  Hele maatschappijen zijn in deze periode blootgesteld aan allerlei vormen van gewelddadig extremisme.  De vorm die het nu aanneemt kan verschillen van de golven gewelddadig extremisme die we in het verleden gekend hebben, maar er zijn een aantal gelijklopende mechanismen die dat soort vuur telkens weer zijn gloed geven.

Het kan relevant zijn om naar dit fenomeen te kijken vanuit de terminologie en het filter dat ons aangeboden wordt door Naikan.

Naikan is een methode en een praktijk die te maken heeft met hoe wij naar ons eigen leven en de personen en gebeurtenissen in ons leven kijken.  De originele vorm van Naikan bestaat uit een zevendaagse retraite in een prikkelarme omgeving waarbij de beoefenaar van de Naikan methode zich gedurende zeven dagen toelegt op het reflecteren op het eigen leven vanaf de geboorte tot het heden.  Daarbij wordt de focus telkens gelegd op de herinneringen aan de relatie tussen de "ik" die reflecteert en een andere voor hem relevante persoon.   Meestal wordt begonnen met een reflectie op de relatie met de moeder, dan de vader, enzovoort.  Er wordt gedurende die zeven dagen telkens ongeveer anderhalf uur besteed aan telkens een periode, een stuk uit het eigen leven.  Zo'n periode beslaat in de regel ongeveer een viertal jaren.

Bij elke persoon en voor elke periode worden drie vragen gesteld:

Eerste vraag: "Wat heeft deze persoon voor mij in deze periode gedaan?
Tweede vraag: "Wat heb ik voor deze persoon in deze periode (terug)gedaan?"
Derde vraag: "Hoe heb ik voor deze persoon in deze periode het leven moeilijk gemaakt, hoe heb ik hem last berokkend?"

Het "filter" van deze methode bestaat hierin dat de beoefenaar gedurende zeven dagen de theoretische mogelijke "vierde vraag" helemaal niet stelt.  Deze mogelijke "vierde vraag" zou als volgt kunnen luiden : "Hoe heeft die persoon mij het leven moeilijk gemaakt, hoe heeft hij mij last berokkend, mij iets aangedaan?" 

De methode van Naikan stelt als het ware een filter in, waardoor het denken aan deze vierde vraag tijdens de beoefening van Naikan gedurende zeven dagen tegengehouden wordt.  De opdracht tijdens Naikan bestaat immers hierin dat men zich telkens alleen de eerste, tweede en derde vraag stelt.

 

Meer schematisch zou je de vragen als volgt kunnen voorstellen:

Vraag 1: Wat gaf de ander mij?
Vraag 2: Wat gaf ik aan de andere?
Vraag 3: Hoe benadeelde ik de andere?

(Vraag 4: Hoe benadeelde de andere mij?  Deze vraag wordt echter in Naikan niet gesteld)

Dit filter van "aandacht geven aan de drie vragen van Naikan en geen aandacht schenken aan de mogelijke vierde vraag" noem ik hier het "Naikan-filter."

Het is verbazend op hoeveel fenomenen er een ander licht kan geworpen worden wanneer ze bekeken worden door het filter van de drie Naikanvragen met weglating van de vierde vraag.

Achter deze keuze voor de drie vragen en de uitfiltering van de vierde vraag steekt kennis op basis van ervaring.  Ervaring leert dat de keuze om aandacht te schenken aan de drie eerste vragen de mogelijkheid tot geluk vergroot, en dat de keuze voor aandacht voor de vierde vraag resulteert in veel individueel en collectief lijden.

Iemand kan "leven in de vierde vraag." Daaronder verstaan we dat iemand een overwegend deel van zijn aandacht en gedachten laat leiden door, of richt op, de vierde vraag.  "Leven in de vierde vraag" of "met iets omgaan vanuit de vierde vraag" heeft een groot aantal nadelen, terwijl "leven vanuit de drie Naikan-vragen" of "met iets omgaan met aandacht voor de drie vragen van Naikan" resulteert in veel positieve effecten.

In wat volgt probeer ik in verband met het probleem van gewelddadig extremisme te schetsen hoe verschillend de uitkomst kan zijn tussen deze twee manieren om de aandacht te richten.

 

  Een gewelddadig extremist "leeft in de vierde vraag"

Het is duidelijk dat de gedachtewereld van iemand die zich inzet om de "slechte andere" uit te roeien zich voornamelijk in de sfeer van de vierde vraag situeert.  Dat blijkt uit de berichten die door gewelddadige organisaties de wereld ingestuurd worden, en uit de toon van de boodschappen die dergelijke organisaties inzetten om hun strijders te motiveren.  Omgekeerd is het ook duidelijk dat iemand uit land of cultuur "A" ( en bij uitbreiding : godsdienst, geslacht, huidskleur, moedertaal, leeftijd, ...."A")  die betreffende de mensen in land of cultuur "B" enkel de drie vragen van Naikan zou stellen, nooit zou overgaan tot geweld tegenover de mensen in land of cultuur "B".  Iemand die over een andere persoon Naikan doet zal tegenover die andere geen geweld gebruiken.

Het is duidelijk dat gewelddadige extremisten vooral "in de vierde vraag leven," maar er valt nog iets méér over te zeggen: het is ook belangrijk om in te zien dat net het "in de vierde vraag leven" de weg baant naar, en de wieg vormt voor, gewelddadig extremisme.  Indien mensen om te beginnen minder in de vierde vraag zouden leven, dan zou er minder geweld zijn.

 

  Het leven in de vierde vraag baant de weg naar gewelddadig extremisme

Organisaties die mensen willen werven om extremistisch geweld te plegen maken propaganda met slogans die de vierde vraag vertolken.  Ze beschrijven de andere als slecht en gevaarlijk, als profiteurs, als mensen met een instelling die schadelijk is voor het leven zoals "wij" het willen, en dus moeten die anderen verdwijnen.   In de hoofden van de mensen die ze werven planten ze ideeën en redeneringen die maken dat die mensen sterk in termen van de vierde vraag gaan leven en denken.  Dat is voorbereidend werk om gewelddadig gedrag te kunnen aanvuren.

 

  Het belang van bewustzijn van de risico's van de vierde vraag

Personen die vanuit hun overtuiging, godsdienst, cultuur, karakter of wat dan ook de discipline opbrengen om niet uitsluitend of niet te veel in de vierde vraag te leven zullen niet zo snel naar de wapens grijpen. 

Mensen die beseffen dat de vierde vraag kwalijk is, mensen die beseffen dat zij in hun leven wel degelijk een aantal voorvallen kunnen vinden die kwalificeren als antwoorden op de eerste, tweede en derde vraag van Naikan, mensen die beseffen hoeveel ze in hun leven gekregen hebben, mensen die beseffen hoe goed het doet om zelf te geven... deze mensen leven niet overwegend in de vierde vraag. En deze mensen worden gespaard van de verzoeking om zelf gewelddadig extremist te worden. 

Wanneer gewelddadige extremisten aanslagen plegen en schade en leed veroorzaken, dan is het effect - en de bedoeling - daarvan dikwijls dat zij aan de kant van de slachtoffers méér mensen doen denken in termen van de vierde vraag, en dat het conflict tussen groepen daardoor aangewakkerd wordt.  Een moord op een katholiek priester waarbij beroep gedaan wordt op een motivatie waarvoor de Islam ge- of misbruikt wordt zal bijna automatisch bij veel katholieken een denken in termen van de vierde vraag in gang zetten.  Dat kan dan weer leiden tot represailles tegen mensen van de Islam die er zelf persoonlijk helemaal niets mee te maken hadden.  Hopelijk blijft dat soort represailles uit.  Wij kunnen enkel hopen dat de - op vrede gerichte - inhoud van de boodschap die de katholieke mensen vanuit hun religie meegekregen hebben sterk genoeg werkt om een automatische escalatie van de zaak af te remmen.

 

  Ingrepen gezocht om te maken dat leven in de vierde vraag minder vanzelfsprekend wordt

Het onwetend zijn over de schadelijke kracht van het leven in de vierde vraag is een grote risicofactor voor elk individu en elke maatschappij.  Hoe vernietigend dat is uit zich in extreme vormen in het nieuws de laatste tijd.

Individueel en collectief zou het positief zijn indien mensen het inzicht zouden kunnen opdoen dat de vierde vraag heel destructief kan werken.  

Hier zou een opdracht kunnen liggen voor alle instanties en personen die enigszins invloed hebben op het denken van de mensen. 

Organisaties die gericht zijn op de uitroeiing van andere groepen weten duivels goed hoe ze mensen kunnen indoctrineren, in Vraag-4-termen laten denken, om ze te doen mee-marcheren.  Alle oorlogen, oud en nieuw, zijn gekenmerkt door krachtige propaganda, door in te werken op de geesten van de mensen, zodat ze de vijand alleen nog in termen van de vierde vraag kunnen benoemen.

De vraag die zich stelt, voor mensen en organisaties die vrede wensen, is de vraag hoe je het risico van de vierde vraag (en het positieve van de beoefening van de eerste drie vragen) meer bekend kan maken.

De gedachtegang achter het "Naikan-filter" met het onderscheid tussen de effecten van de eerste drie vragen enerzijds en de vierde vraag anderzijds, kan een paradigma aanbieden dat kan leiden tot een nieuwe formulering van onderzoeksvragen op het vlak van ontwapening van de wereld.

Hoe zou bijvoorbeeld kunnen bereikt worden dat mensen zich om te beginnen bewust worden van het bestaan van de drie vragen en de vierde vraag, en het effect van de aandacht voor de drie vragen enerzijds en de vierde vraag anderzijds?  Indien dit zou kunnen bereikt worden, dan zou er een grote stap gezet zijn op het vlak van psychische hygiëne en van conflictbeheersing. Kan het onderwijs hier een rol in spelen, kunnen volwassenenorganisaties van religieuze of seculiere aard hier een rol in spelen, kunnen de media hier een rol in spelen?

Hoe zouden we kunnen bereiken dat we in ons maatschappijbestel zo weinig mogelijk elementen laten bestaan die de aandacht van mensen vooral op de vierde vraag richten.  Bijvoorbeeld, hoe zouden verkiezingen kunnen vrij zijn van Vraag-4 terminologie?

Verkiezingen zijn een basiselement in de organisatie van onze maatschappij.  Een neveneffect ervan is dat er in de aanloop van verkiezingen ruimschoots gebruik gemaakt wordt van kritiek op de andere partijen en kandidaten.  Daardoor leren de kiezers denken in termen van Vraag 4. Het is wellicht utopisch, maar misschien loont het toch de moeite om eens de vraag te stellen hoe verkiezingen zouden kunnen doorgaan zonder dat men daarbij het denken in termen van de vierde vraag publiek gaat propageren.  Verkiezingen met tegenstanders maar zonder een vijand.  Want de dag na de verkiezingen willen we weer in vrede leven.

 

Naar maatschappelijke fenomenen kijken door het Naikan-filter van de drie vragen met uitsluiting van de vierde vraag kan zeer verhelderend zijn en maatschappelijke vragen en opdrachten helderder helpen formuleren.

 

________________________________

Voetnoot 1:  Minister van justitie Koen Geens in de VRT uitzending "De zevende dag" van 22 januari 2017, in antwoord op een vraag over deradicalisering, benadrukte dat de opdracht er vooral in gelegen is dat je mensen die radicaal denken er moet vanaf brengen om geweld te gebruiken.  Minister Geens gaf onder andere het voorbeeld van Gandhi, die radicaal dacht, en die je dus als een "radicalist" kan beschouwen, maar die radicaal was zonder geweld als middel te gebruiken.